Nu ik een tijdje bezig ben met mijn bewustwording als het gaat over positief benaderen, merkte ik op dat er een puzzelstuk ontbrak. De doelgroep die bij mijn onderzoek betrokken is, heeft zijn stem nog niet genoeg kunnen laten horen. De stem van een klas geeft bevestiging of juist het tegenovergestelde. Het geeft in ieder geval heel veel inzicht in mijn leerproces.
Ik heb als docent natuurlijk een bepaald beeld van een klas. Vaak wordt dit beeld met collega's gedeeld en denken zij er net zo over. Op basis van die verhalen concludeer ik al snel dat leerlingen hetzelfde beeld over hun klas zullen hebben als hun docenten. Maar is dat wel zo? Mijn conclusie betrekt zich op de klas als groep; terwijl elke individuele leerling een stem heeft. Bij het maken van mijn hypothese ben ik behoorlijk subjectief en neem ik de klas als groep. Door een anonieme enquête krijg ik meer inzicht in de daadwerkelijke mening van leerlingen. Deze manier is een hele waardevolle toevoeging voor mijn persoonlijke onderzoek.
Context van de klas
De klas bestaat uit 29 leerlingen, in de leeftijd van 11 tot 13 jaar op het moment van enquêteren. De samenstelling bestaat uit 17 jongens en 12 meisjes. In de klas zitten 2 doubleurs. Leerlingen komen uit de stad en verschillende dorpen. Sommige leerlingen kennen elkaar van de basisschool.
De klas is een BYOD-klas (bring your own device), wat betekent dat hun Chromebook tijdens de les ingezet wordt.
Stempel - subjectieve waarneming van mijn collega's en mij
Deze klas wordt als druk bestempeld en dat is in mijn ogen niet geheel onterecht. Deze stempel lijkt negatief, maar het drukke gedrag van de klas komt ook wel eens voort uit het enorme enthousiasme van leerlingen. Een aantal leerlingen stelt heel veel vragen en vergeet regelmatig dat je vinger omhoog moet in plaats van door de klas te roepen. De leerlingen steken elkaar aan in hun enthousiasme, maar kunnen daar soms in doorslaan. Ze proberen dingen naar hun eigen hand te zetten, waardoor de planning met deze klas vaker uitloopt dan nodig is. Samenwerken gaat altijd gepaard met rumoer, maar ze kunnen ook dan wederom hard werken door hun enthousiasme en gedrevenheid.
Collega's en ik storen ons regelmatig aan hetzelfde groepje leerlingen. Zij gaan op het moment van enthousiasme en drukte wel mee in de drukte, maar zijn niet met de les bezig, moeilijk te motiveren of zitten te dromen. Naast dat groepje is er ook een groepje van (over)enthousiaste leerlingen dat ontzettend veel vragen stelt. Dit blijkt ook bij andere vakken dan Nederlands zo te zijn (zo werd duidelijk tijdens de leerlingbesprekingen). Die situaties resulteren in het feit dat ik als docent op dat moment mijn aandacht niet goed genoeg verdeel over alle leerlingen. De leerling die zelfstandig aan het werk is en geen vragen heeft, verdient ook aandacht in bijvoorbeeld de vorm van een compliment.
Voor het vak Nederlands scoort de klas hoger dan hun parallelklas. Ze scoren 'meer dan' prima. De klas heeft zich naar mijn inziens positief ontwikkeld. Ze hebben een sterke, duidelijke identiteit die ze nog altijd bij zich dragen, maar door gesprekken en structuur weten ze binnen welke perken ze moeten blijven. Dat lukt nog lang niet altijd, maar ten opzichte van het begin van het jaar vind ik het bij mijn iets beter gaan. Ik merk echter dat de stempel er in het begin van het schooljaar zo dik ingedrukt is, dat de kleine stappen vooruit niet echt gezien worden.
De anonieme enquête is afgenomen door 28 van de 29 leerlingen. Er is geen onderscheid gemaakt op basis van leeftijd, resultaat of geslacht.
Vraag 1


Vraag 8

Vraag 9

Vraag 10
Ik heb als docent natuurlijk een bepaald beeld van een klas. Vaak wordt dit beeld met collega's gedeeld en denken zij er net zo over. Op basis van die verhalen concludeer ik al snel dat leerlingen hetzelfde beeld over hun klas zullen hebben als hun docenten. Maar is dat wel zo? Mijn conclusie betrekt zich op de klas als groep; terwijl elke individuele leerling een stem heeft. Bij het maken van mijn hypothese ben ik behoorlijk subjectief en neem ik de klas als groep. Door een anonieme enquête krijg ik meer inzicht in de daadwerkelijke mening van leerlingen. Deze manier is een hele waardevolle toevoeging voor mijn persoonlijke onderzoek.
Context van de klas
De klas bestaat uit 29 leerlingen, in de leeftijd van 11 tot 13 jaar op het moment van enquêteren. De samenstelling bestaat uit 17 jongens en 12 meisjes. In de klas zitten 2 doubleurs. Leerlingen komen uit de stad en verschillende dorpen. Sommige leerlingen kennen elkaar van de basisschool.
De klas is een BYOD-klas (bring your own device), wat betekent dat hun Chromebook tijdens de les ingezet wordt.
Stempel - subjectieve waarneming van mijn collega's en mij
Deze klas wordt als druk bestempeld en dat is in mijn ogen niet geheel onterecht. Deze stempel lijkt negatief, maar het drukke gedrag van de klas komt ook wel eens voort uit het enorme enthousiasme van leerlingen. Een aantal leerlingen stelt heel veel vragen en vergeet regelmatig dat je vinger omhoog moet in plaats van door de klas te roepen. De leerlingen steken elkaar aan in hun enthousiasme, maar kunnen daar soms in doorslaan. Ze proberen dingen naar hun eigen hand te zetten, waardoor de planning met deze klas vaker uitloopt dan nodig is. Samenwerken gaat altijd gepaard met rumoer, maar ze kunnen ook dan wederom hard werken door hun enthousiasme en gedrevenheid.
Collega's en ik storen ons regelmatig aan hetzelfde groepje leerlingen. Zij gaan op het moment van enthousiasme en drukte wel mee in de drukte, maar zijn niet met de les bezig, moeilijk te motiveren of zitten te dromen. Naast dat groepje is er ook een groepje van (over)enthousiaste leerlingen dat ontzettend veel vragen stelt. Dit blijkt ook bij andere vakken dan Nederlands zo te zijn (zo werd duidelijk tijdens de leerlingbesprekingen). Die situaties resulteren in het feit dat ik als docent op dat moment mijn aandacht niet goed genoeg verdeel over alle leerlingen. De leerling die zelfstandig aan het werk is en geen vragen heeft, verdient ook aandacht in bijvoorbeeld de vorm van een compliment.
Voor het vak Nederlands scoort de klas hoger dan hun parallelklas. Ze scoren 'meer dan' prima. De klas heeft zich naar mijn inziens positief ontwikkeld. Ze hebben een sterke, duidelijke identiteit die ze nog altijd bij zich dragen, maar door gesprekken en structuur weten ze binnen welke perken ze moeten blijven. Dat lukt nog lang niet altijd, maar ten opzichte van het begin van het jaar vind ik het bij mijn iets beter gaan. Ik merk echter dat de stempel er in het begin van het schooljaar zo dik ingedrukt is, dat de kleine stappen vooruit niet echt gezien worden.
De grote vraag: is de stempel terecht? Kan hij uitgewist worden?Uitslag van enquête
De anonieme enquête is afgenomen door 28 van de 29 leerlingen. Er is geen onderscheid gemaakt op basis van leeftijd, resultaat of geslacht.
Vraag 1

Vraag 2
Welke omschrijving die je in de vraag hierboven hebt aangevinkt, past volgens jou het beste bij jouw klas?
Op deze vraag werd het volgende door de 28 leerlingen geantwoord:
druk maar gezellig
|
druk en gezellig
|
gezellig (8x)
|
druk (6x)
|
Gezellig, en chaotisch
|
Druk
|
druk en gezellig!!!
|
gezellig,enthousiast
|
druk & gezellig
|
enthousiast
|
gezellig en altijd leuk
|
chaotisch en gezellig
|
Gezellig en Druk
|
Gezellig
|
chaotisch
|
druk omdat onze klas best druk is
|
Vraag 3
Vraag 4

Vraag 5
Hoe zou een docent jouw klas omschrijven?
Op deze vraag werd het volgende geantwoord:
te druk (3x)
|
druk (8x)
|
druk en onrustig (2x)
|
druk maar best gezellig
|
chaotisch
|
druk, chaotisch
|
druk, eigenwijs
|
Chaotisch
|
druk maar wel oplettend
|
Druk (2x)
|
Druk of hardwerkend
|
chaotisch en gezellig
|
Druk en soms veel te druk
|
soms irritant en druk maar wel gezellig
|
druk maar ook gezellig
|
ook chaotisch
|
Vraag 6
Vraag 7

Vraag 8

Vraag 9

Vraag 10

Vraag 11
Deze vraag refereert aan een opdracht waar leerlingen op dat moment mee bezig waren. Door de vraag zo te stellen, hoopte ik ze net wat gemotiveerder te krijgen om ook de laatste vraag nog serieus in te vullen.
Enquête versus gesprek
Deze enquête is voor mij een concrete verzameling van gegevens door de simpele opzet. Bij het maken en uitvoeren van een enquête ontstaan er toch vaak al hypotheses. Juist door een enquête in te zetten wordt het risico vermeden dat er gezocht wordt naar bevestiging van de hypotheses. In een interview of gesprek is het soms lastig om de gesprekspartner geen bepaalde richting op te duwen (op basis van hypotheses). Een enquête is daarbij een praktisch middel, dat eenvoudig in te plannen was in mijn lessen en de opbrengt is groot. Het is een goede manier om inzicht te krijgen; het staat immers zwart op wit en is dus op weinig verschillende manieren te interpreteren. De mentor van deze klas vroeg daarom ook of hij de resultaten mocht gebruiken voor een mentorles.
Conclusie
Complimenten worden gewaardeerd door leerlingen. Misschien niet het meest verrassende resultaat, maar het bevestigt wel mijn verwachtingen. Mijn doel voor mijn OPH-onderzoek krijgt door zulke resultaten steeds meer context en waarde, waardoor ik extra gemotiveerd ben om mijn missie te doen slagen. Door de resultaten van deze enquête groeit het belang van mijn bewustwording rondom positieve benadering. Daarnaast creëer ik bij leerlingen ook een stukje bewustwording door dit onderwerp aan te kaarten.
Het beeld dat docenten van de klas hebben komt overeen met het beeld dat leerlingen schetsen. Dat vind ik een positief gegeven en mooi om terug te zien: de klas is zich dus bewust van haar status en imago. Dat is knap, maar ook confronterend en wellicht demotiverend voor leerlingen. Door deze stempel van de klas, schieten complimenten er tijdens de les bij in. Dat kan ik zelf beamen aan de hand van mijn eigen lessen, maar de enquête ondersteunt dit gevoel. Daar zit dus verbetering in. Wanneer leerlingen merken dat de klas en zij als individu gewaardeerd worden (of hun houding, ideeën etc.), dan zal hun beeld bij vraag 4 ook veranderen en zouden meer leerlingen overtuigd 'ja' invullen.
Bij meerdere vragen zie ik een wisselwerking van verbeteringen en gevolgen daarvan. De laatste vraag geeft aan dat de leerlingen behoefte hebben aan complimenten van de docent, ruim 46% van de leerlingen krijgt het liefste van een klasgenootje een compliment. Ook hierin kan de docent een betekenisvolle rol spelen, door aan te sturen op werkvormen rondom positieve feedback of het inzetten van een complimentenspel. Op deze manier draagt zowel de docent als de leerling bij aan een beter groepsklimaat.
Tot slot moet worden gekeken naar de aard van de complimenten die de docent geeft. Leerlingen laten middels de enquête weten dat zij bereid zijn harder te werken wanneer ze een compliment krijgen. Er zitten echter grote verschillen in het geven van positieve feedback en het effect daarvan. De taak voor mij is om dit op een effectieve manier in te brengen in mijn les; het zou een gewoonte voor me moeten worden. Juist door de klas een stem te geven, kom ik erachter wat de behoeftes van mijn leerlingen zijn. Dat is voor mij belangrijk om mijn doel voor ogen te houden en de juiste koers aan te houden. De stem van mijn leerlingen is me dan ook heel waardevol.



Reacties
Een reactie posten